Showing posts with label ziekenhuis. Show all posts
Showing posts with label ziekenhuis. Show all posts

Sunday, March 20, 2016

In en rond onze caravan: Op de plaats rust #2

Ierland, 26 juli 2007: camping ?
Tja, welke camping was dit ook al weer? In elk geval hadden we hier een prachtig uitzicht. Het blijkt dat ik toch niet alles even goed heb bijgehouden, in die beginjaren, want in het logboek staan bij deze vakantie geen campings genoemd, behalve de allereerste in Ierland. Misschien heb ik ergens nog wel een doos met folders en andere informatie, zal dat eens nakijken als ik eindelijk aan opruimen toekom...

Ik was wel begonnen aan een verslag, maar had daar na een paar enerverende dagen geen zin meer in. We waren met zijn tweetjes via de ferry Europoort - Hull naar Wales gereden, om na een nacht ergens op een camping daar met de ferry van Holyhead naar Dublin te reizen. Eenmaal op de camping begonnen de problemen.

We zouden onze zoon J. ophalen van het vliegveld in Dublin, omdat hij een aantal dagen vakantie bij ons zou doorbrengen. We hadden zijn tent en slaapbehoren al meegenomen. W. voelde zich al niet zo lekker en dat begon zich op weg naar het vliegveld steeds meer te manifesteren. Een aantal dagen voor we op vakantie gingen was hij bijna van de trap gevallen en had daarbij waarschijnlijk zijn ribben gekneusd. De pijn zat nu echter lager in zijn linkerzij en werd tijdens de rit steeds heftiger. Eenmaal in de aankomsthal hield hij het bijna niet meer uit en heb ik bij de informatiebalie naar een dokter gevraagd. We werden in een kamertje gezet en even later kwamen er twee politieagenten en twee ambulancemedewerkers. Er werden wat vragen gesteld, W. dacht zelf aan een niersteen of een infectie en uiteindelijk vertrok hij met de ambulance naar het ziekenhuis, alléén, want ik moest onze zoon opvangen. Eerst werden er nog wat vragen gesteld, zoals waar we onze auto hadden achtergelaten. Die stond in de Sort Stay.
Met een taxi zijn J. en ik een tijdje later naar het Beaumont ziekenhuis gereden, waar W. nog lag te wachten op een chaotische Eerste Hulp. Ze hadden al diverse keren nagevraagd of zijn naam wel klopte, in Engelstalige landen altijd lachen.

Wij konden niet wachten wat er verder zou gebeuren, omdat de auto toch echt uit de parkeergarage moest. Terug met een taxi naar het vliegveld dus en omdat de politie de garage had ingelicht konden we na een druk op de knop de parkeergarage verlaten. Omdat ik zo'n angsthaas ben, reed J, op dat moment zeker mijn grote held! Nog niet zo lang een rijbewijs en dan nog voor 't eerst links rijden ook, dwars door de stad, langs de kades van de Liffey. Gelukkig was het zondagavond en niet druk, wel veel wegwerkzaamheden op weg naar de camping, waardoor de rit al met al toch best enerverend was. J. hield zich kalm, al verteld hij dat toch wel heel spannend was geweest!

W. bleek later inderdaad een niersteen te hebben, maar ook een urineweginfectie. Via een infuus kreeg hij antibiotica en nog een aantal onderzoeken, waardoor hij nog een paar dagen moest blijven.

Ierland, 24 juli 2007: camping Camac in Clondalkin

Op de camping waren ze niet erg behulpzaam toen ik dit vertelde, we konden maar tot zaterdag blijven, want dan was de camping volgeboekt. Ze waren erg bot en ik was de wanhoop bijna nabij, want ik kan niet rijden met de caravan en J. mocht dit niet, ook al had ie het gedurfd. Gelukkig liep alles goed af, want W. werd op zaterdag op tijd ontslagen en voelde zich weer kiplekker. Op naar de volgende camping dus.

Sunday, January 10, 2016

Laatste levensuren

10 Januari blijft een speciale dag, de dag waarop mijn moeder 's morgens aan mijn vader vroeg of hij ons, de kinderen, wilde bellen, want ze voelde dat ze die dag zou sterven!

Mijn moeder is in januari 2002, na een ziekteperiode van 10 jaar, overleden aan de gevolgen van chronisch myeloïde leukemie. De zogenaamde wonderpillen (Glivec) kwamen er uiteindelijk wel, maar voor haar toch te laat en ze bleken zelfs puur vergif. De pillen werkten zo goed dat niet alleen bijna alle leukocyten (witte bloedcellen) verdwenen, maar ook alle plaatjes en erytrocyten (rode bloedcellen. Tot het laatst toe bleef ze echter hoop houden dat ze misschien nog beter kon worden, mede omdat ook haar arts de moed nog niet opgaf en er een sprankje hoop was dat haar lichaam weer zelf nieuwe cellen zou kunnen gaan aanmaken. Vooral de laatste weken waren echt een lijdensweg voor haar. De dag na Kerst 2001 is ze opgenomen in het ziekenhuis, omdat ze inwendige bloedingen had. Die vrijdag hadden mijn moeder en vader een gesprek met de arts, waar mijn vader huilend vandaan kwam. Het is over, zei hij...

Ze mocht de hele dag door bezoek van ons en er werd een bed bijgezet. Wij (broer en zussen) dachten toen dat het inderdaad over was en dat het niet lang meer zou duren. Omdat we veel vrij hadden deze weken, konden we er vaak zijn. Mijn moeder vond al het gehang rond haar bed maar vreemd: "ik ga nog niet dood hoor", zei ze op een gegeven moment tegen mijn vader. "Wat zijn de kinderen hier toch veel". We begrepen dat we ons bezoek iets moesten beperken. Wel kon ze niet meer alleen zijn. Ze was zo afgezwakt, ook al omdat ze al maanden haast niets gegeten had, behalve af en toe wat pap. En dan de ernstige bloedarmoede. We bleven dus om de beurt bij haar. 's Nachts was mijn vader er. We hebben nog  geprobeerd om hem af te lossen, maar dat ging niet. Ze was 's nachts angstig en wilde graag dat pa bij haar was. Alleen de eerste nachten hebben een zus en ik bij haar geslapen. Mijn vader raakte  zo langzaam aan uitgeput, maar kon en wilde het haar niet aan doen om weg te blijven. Als wij er overdag waren ging hij een paar uurtjes naar huis, maar veel slapen deed hij niet.

Er waren de nodige misverstanden. Zoals ik al zei, bleef de arts optimistisch tegenover mijn moeder en ons. We hadden toch soms het gevoel dat het weer beter zou kunnen gaan. De arts wist natuurlijk zelf ook niet wat er zou kunnen gebeuren, daar was Glivec te nieuw voor. Hij vertelde ruim een week na het stoppen met de medicijnen, dat de nieuwe aanmaak van cellen nog steeds geblokkeerd werd. De bloedplaatjes die ze kreeg werden meteen afgebroken. Maar er zat nog een kansje in...
Enfin, zo sukkelden we de dagen door. Mijn moeder kreeg infuus, prednison, morfine, vers bloed, zuurstof en een catheter met pompje om vocht af te drijven. In een week tijd hield ze 14 kilo vocht vast. We moesten haar nachthemden open knippen bij de mouwen. Ook van haar  mond en tong had ze vreselijk veel last, schimmel bleek uiteindelijk. Na de juiste  medicijnen daarvoor, ging het iets beter. Ze kon zich nauwelijks bewegen en heeft uiteindelijk 16 dagen in één houding gelegen. Alles ging natuurlijk zeer doen. Ook kon ze alleen nog maar fluisteren.

Ze had een aantal jaren geleden een euthanasie verklaring aangevraagd en uiteindelijk vroeg ze aan mijn vader om die papieren. Haar arts wilde die ook hebben en zei dat hij bereid was om het te doen, als het moment daar was. Eerst wilde hij echter al het mogelijke proberen, want daar was hij arts voor. Mijn moeder en wij waren het daar allemaal mee eens, want zo'n besluit neem je niet lichtvaardig, maar als je dan je moeder zo ziet lijden...terwijl ze altijd gezegd had, ik wil geen lijdensweg. Ze bleef echter sterk tot het laatst toe!

Als je met de dood voor ogen staat, is je overlevingsdrang kennelijk toch heel groot. Wel had ze al een paar keer aangegeven dat ze het niet meer zag zitten: "Ik ben op, ik kan niet meer". Was het een verzoek om hulp? Je weet niet meer wat je moet en kunt doen.

Donderdagmorgen 10 januari vroeg ze mijn vader of hij ons allemaal wilde bellen, want ze voelde dat ze die dag zou sterven. Toen ik om 9.30 uur in het ziekenhuis kwam, zat de dokter aan haar bed. Hij zei dat er inderdaad geen hoop meer was, maar dat er voor de euthanasie nog een tweede dokter nodig was. Die zou rond zes uur pas kunnen komen. Tot die tijd zou ze geen verhoging van de morfine krijgen, omdat ze helder moest blijven voor het gesprek met die dokter. De euthanasie werd gepland op drie uur de volgende dag. Hij vertelde er wel bij dat hij hoopte dat het niet nodig zou zijn, omdat ze door de verhoogde dosis morfine die ze zou krijgen vanzelf weg zou kunnen glijden. Dat hoopten we allemaal!

Gelukkig kwam die andere dokter al om twaalf uur. Hij was het helemaal met haar eigen arts eens. Toen die arts met haar en even later met ons had gesproken, werd de dosis morfine verhoogd. Ze bleef echter helder en aanspreekbaar tot ze rond 17.00 uur in slaap gleed. 
Een aantal mensen van wie ze nog afscheid wilde nemen, vroeg ze via mijn vader om te komen. Die zijn ook allemaal geweest.
Wij hebben daarna met z'n allen (vader, broer en drie zussen) rond haar bed gezeten en het was behalve heel verdrietig, toch nog genoeglijk als het ware. Mijn vader vertelde over vroeger, ook over zijn eigen jeugd, en we hoorden zelfs dingen die hij ons nog nooit verteld had over zijn verleden. Dat had met de oorlog te maken. Hij had zich daar altijd voor geschaamd, maar mijn moeder heeft altijd pal achter hem gestaan. Het werd daardoor een hele vreemde avond, maar toch mooie avond. Een avond om nooit te vergeten! Af en toe keken we naar mijn moeder die het steeds moeilijker kreeg met haar ademhaling. We hoopten allemaal voor haar dat het niet lang meer zou duren. 

Tegen 23.00 uur zaten mijn vader en ik naast haar, de anderen waren even weg. We merkten
dat ze onrustig werd en hielden haar vast. Ineens keek ze mijn vader nog even aan, leek het,
en toen stokte haar ademhaling voorgoed. We zeiden dat we veel van haar hielden en dat we hoopten dat ze nu eindelijk rust vond...



Saturday, January 10, 2015

Moeder

Nettie, 17 jaar
Vandaag is het 13 jaar geleden dat mijn moeder is gestorven aan de gevolgen van haar Chronisch myeloïde leukemie, een ziekte waar zij al tien jaar aan leed. Zij was pas 67 jaar! De dokters hadden haar een jaar of drie gegeven, toen het ontdekt werd, zij leefde dus al heel wat jaren op "geleende tijd". Gedurende die tijd heeft zij toch nog enkele heel goede periodes gehad, maar heeft zij zich ook vaak heel ziek gevoeld. Haar laatste dagen bracht ze door in het ziekenhuis en ik ben blij dat ik onderstaande foto nog heb, want ik betreur het als documentaire fotograaf nog steeds dat ik niet veel meer foto's van hun leven heb gemaakt.

Een paar dagen voor haar dood
 Nu ben ik pas in 2004, op mijn 51e, met mijn (deeltijd)studie aan St.Joost in Den Bosch gestart, dus e.e.a. is wel enigszins te verklaren. Daarvóór was ik wel met fotografie als hobby bezig geweest, maar op een heel andere manier. Hierover later meer.

Wednesday, April 01, 2009

Expositie Albert Schweitzer Ziekenhuis



Van april t/m juni hangen mijn eindexamenfoto's in het Albert Schweitzer Ziekenhuis in Sliedrecht. Openingstijden 7.00 uur - 19.00 uur, helaas niet in het weekend.
Adres: Wilhelminastraat 75, Sliedrecht

Vandaag hoorde ik dat Ton voortaan naar de dagbehandeling gaat in verpleeghuis Het Parkhuis, in Dordrecht. Om die reden heb ik ervoor gekozen om zijn foto uit de eindexamenserie: "Dat wat geweest is: herinneringen voor de toekomst" hier te publiceren, als aankondiging van mijn expositie.

Met Wiesjes gezondheid gaat het ook nog niet al te best, maar gelukkig heeft ze nu eindelijk hulp gekregen om haar huisje op orde te houden.

Thursday, August 14, 2008

Intensive Care





Straks, vrijdag, komt mijn lief gelukkig weer thuis! Binnen 24 uur is hij twee keer geopereerd aan zijn hart. De eerste keer gepland, voor een nieuwe hartklep en 4 bypasses. De tweede keer omdat hij een nabloeding had. Deze foto's heb ik gemaakt toen hij slapende werd gehouden na de eerste operatie.

Wednesday, September 05, 2007